
Aartspriester Sergei Ovsiannikov
Preek op de dag van de Heilige Drieëenheid - Pinksteren
23 mei 2010
In de naam
van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
Volgens
de kerkelijke traditie lezen wij gedurende de gehele periode van
Pasen tot Pinksteren niet het gebed tot de Heilige Geest. Dit gebed
tot de Heilige Geest waarmee alle dagelijkse gebeden beginnen en dat
de Heilige Geest aanroept met de woorden "Hemelse Koning"
ontbreekt zo in ons leven tijdens deze hele periode. En met name in
de laatste week voel je die afwezigheid, dat gemis van het gebed tot
de Heilige Geest. Het is ook te begrijpen waarom dit zo is. Immers
begroeten wij elkaar in de tijd na Pasen met de woorden "Christus
is Opgestaan!" en in het begin worden onze harten ook werkelijk
verwarmd door deze paasgroet. Maar helaas wordt met het verstrijken
van de tijd die paasgroet steeds koeler en killer. We moeten daarbij
toegeven dat wij de aanwezigheid van de opgestane Christus in ons
leven steeds minder voelen. Maar als na Hemelvaart ook de paasgroet
uit ons leven verdwijnt, wordt het inderdaad erg leeg.
Dan
komt ook het tijdstip dat we begrijpen waarom we eigenlijk de Heilige
Geest onze Trooster noemen. Dit is, omdat het tijd is dat er troost
komt in ons leven. Immers is Christus, onze Vriend en Leraar, uit ons
leven vertrokken. En nu moeten wij ons elke dag weer opnieuw afvragen
wat Hij met zijn woorden heeft bedoeld. Daarbij proberen wij te
begrijpen wat de geboden die Hij ons heeft nagelaten eigenlijk
betekenen. Bijvoorbeeld Zijn gebod over de armen van geest toen Hij
zei dat de armen van geest zalig zijn, omdat het Koninkrijk van God
van hun is.
Vandaag
is het dan de dag van de komst van de Geest, van de komst van de
Geest die ons troost geeft en die ons leert om de woorden van
Christus te verstaan. Hoe bijzonder
inspirerend wordt deze gebeurtenis wel niet omschreven in het Nieuwe
Testament dat die vurige tong, de tong van de Heilige Geest, op elke
apostel apart nederdaalde. We begrijpen wat dit betekent als we
bedenken dat elke apostel inderdaad zijn eigen roeping en zijn eigen
talent had. Zoals de apostel Paulus het later ook zou zeggen: "Er
zijn verschillende genadegaven, er zijn verschillende talenten, maar
het is alles één Geest." Wij als kerkvolk begrijpen dat heel
goed. Wij begrijpen dat ook onder ons er verschillende gaven zijn en
verschillende talenten. Toch hebben wij allen die verschillende
genadegaven ontvangen van de ene Heilige Geest.
Ik
zou willen dat de woorden die klinken in het kondak van dit feest ons
zullen bijblijven: "Toen het nodig was om de volkeren te verenigen,
heeft God de Heilige Geest uitgezonden." Het is deze eenwording die
wij vandaag ervaren. Zodadelijk zullen wij de knieën buigen en
zullen wij bidden om de nederdaling van de Heilige Geest. Moge die
Heilige Geest dan inderdaad als een vuur afdalen in onze harten. Als
een vuur dat al het onreine verzengt, maar ook een vuur dat onze
harten doet zien en kijken. Opdat wij in staat zouden zijn met ons
hart een nieuwe wereld, het Koninkrijk Gods, te aanschouwen. Opdat
onze harten getuige moge zijn van het Koninkrijk Gods dat vandaag in
kracht komt. Amen.
|