collage

Sluiten

Nieuwsbrief nr.1, 1991

Bisschop (Metropoliet) Anthony van Sourozh antwoordt Syndesmos


Deze brief werd als antwoord gestuurd. op de "Brief aan de Bisschoppen", geschreven door gedelegeerden van het IIIe SYNDESMOS Orthodoxe Jeugdfestival in Spetses, in augustus 1988.


Beste leden van Syndesmos,


Dit antwoord op jullie 'Brief aan de Bisschoppen van de Orthodoxe Kerk' heeft lang op zich moeten laten wachten. De reden hiervoor is dat ons diocees de brief nauwkeurig wilde bestuderen en hierbij de geestelijken en de leken van Sourozh betrekken, dat wil zeggen de leden van het Russisch-Orthodoxe Diocees van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

Het verheugt ons te zien dat jonge orthodoxen van alle landen het initiatief nemen en de hiërarchie van onze Kerk aanspreken over zaken die de belangen van de nationale kerken te boven gaan. Onze nationale kerken 'thuis' zijn zich en kunnen zich ook niet voldoende bewust zijn van de multinationale situatie van de Orthodoxie in de diaspora. Zij hebben het getuigenis en de uitdaging nodig die alleen kan komen vanuit de Orthodoxe diaspora. Ik dank jullie voor het nemen van de eerste stap in deze richting.

In de naam van het Diocees van Sourozh, dat wil zeggen in de naam van de leken, de geestelijken en in mijn eigen naam, maak ik nu de volgende opmerkingen naar aanleiding van jullie brief.

We zijn allen geneigd om bij het oplossen van problemen te denken in termen van organisaties, van het scheppen van structuren. Dit is fout. Het is het leven dat vormen kan scheppen. Structuren moeten het leven uitdrukken en flexibel genoeg zijn om te verschillen naar gelang van locale situaties en werkelijke behoeften. Zelfs de Kanons van de Kerk zijn meetlatten en precedenten om van te leren, niet onveranderlijke regels om het leven in verouderde patronen te dwingen. Zij waren gerechtvaardigd voor situaties die niet langer bestaan en moeten met nieuwe ogen bekeken worden. Op deze manier werden de Kanons geleidelijk opgesteld. Sommige drukken het wezen zelf van de Kerk uit, anderen waren bedoeld voor concrete situaties die niet langer bestaan. Wij allen moeten ons goed bezinnen op de concrete situatie waarin wij leven en onszelf afvragen wat Gods wil, hier en nu, voor ons is. Wij moeten leren de aanwijzingen van de Geest van God te onderscheiden, en Gods activiteit in onze eigen tijd en plaats te ontwaren. Net zo min als diplomatieke overeenkomsten verdeelde christenen bijeen kunnen brengen, kunnen structuren de zichtbare eenheid van de Orthodoxe Kerk tot stand brengen. Men kan geen eenheid bouwen, maar men groeit erin door steeds vollediger en volkomener het Evangelie na te volgen en aan het tijdelijke, etnische, culturele, nationale, een gerechtvaardigde, maar tweede plaats te geven.

We moeten het feit erkennen dat de orthodoxen op meer dan één niveau verdeeld zijn. Het is gerechtvaardigd om een eigen taal, cultuur of erfgoed lief te hebben en hun eigen schatten te koesteren, maar niet om anderen te veroordelen die dit niet met hen delen. De jongeren lopen het gevaar om òf vast te houden aan het verleden van hun families òf te proberen nieuwe etnische vormen te scheppen en zo niet meer te zijn wat hun ouders waren om zo leden te worden van de geseculariseerde samenleving waarin zij wonen. Het scheppen van nieuwe etnische minderheden om scheidsmuren af te breken is hiervoor geen oplossing; het zou alleen een extra probleem toevoegen aan de problemen die al bestaan.


Bijzondere aandacht verdienen de schismata, die zijn ontstaan tijdens de politieke omwentelingen van deze eeuw. Jullie generatie weet niet uit eigen ervaring hoe en waarom deze plaats vonden. Het is gemakkelijk om diegenen die hiervoor verantwoordelijk waren, samen met hun nazaten en volgelingen, te veroordelen maar denk eens aan de tragische lotgevallen van de generatie van jullie eigen ouders en grootouders en hun tijdgenoten; denk aan alles wat zij verloren en doorstaan hebben en je zal misschien begrijpen waarom zij van hun moederkerken zijn weggebroken en hun eigen tijdelijke kerkelijke administraties of jurisdicties hebben gevormd, die tot op de huidige dag zijn blijven bestaan, en die ook voor hun eigen leden achterhaald lijken. Met de verandering van het politieke klimaat in Rusland en andere landen, en een grotere openheid en onderlinge verstandhouding van alle betrokken partijen (ik denk aan de Oudgelovigen in Rusland en in het buitenland, aan de Oud-kalendristen in Griekenland en elders en aan het schisma tussen het Servische Patriarchaat en de Kerk in Macedonië en andere) moeten er manieren gevonden worden om elkaar te erkennen. Het Patriarchaat van Moskou stelde een paar jaar geleden voor aan de Russische Kerk in Ballingschap om gemeenschap in gebed en sacramenten te herstellen met behoud van administratieve onafhankelijkheid en zonder verwachting van een verandering in de politieke standpunten. Deze nieuwe openheid begint geleidelijk vrucht af te werpen.

Jullie schijnen de term 'diaspora' niet te mogen. Deze term beschrijft echter nauwkeurig een stand van zaken: orthodoxe mensen van verschillende nationaliteiten wonen nu eenmaal, als een religieuze minderheid, in alle landen van de wereld. In sommige plaatsen zijn zij verstrooid als individuen of als kleine of relatief grote parochies en te ver van elkaar verwijderd om contact te houden. In andere plaatsen zijn zij verstrooid als kleine of grote diocesen temidden van grotere niet-orthodoxe gemeenschappen, altijd tè klein en tè etnisch om een van de 'geloven' te zijn van het land waarin zij wonen. Maar er is ook een andere, positieve kant aan de diaspora. Door de dominante positie van onze kerken in de landen waar wij vandaan komen en hun nauwe band met de staat zijn wij over de 'verzamelde gemeenschap' op een manier gaan denken die totaal vreemd was aan de eerste christenen. Maar de roeping van de Kerk is het Evangelie aan alle schepselen te brengen, om als een handvol zaad te zijn dat de Meester wijd en zijd uitzaait om vrucht voort te brengen in alle plaatsen waar zelfs maar één zaadje valt. In de vroege jaren van de Russische ballingschap heeft de Russische filosoof Berdjajev een zeer goed artikel geschreven over dit onderwerp, waarin hij zegt dat God ons de wereld in heeft gezonden om de Orthodoxie te brengen aan hen die haar hebben verloren en nodig hebben. De apostelen, twaalf mannen, en de paar discipelen bleven niet bij elkaar klitten: zij verlieten elkaar om de Goede Boodschap te brengen aan hen die in de duisternis zaten. Al waren zij ver van elkaar verwijderd, zij wisten dat zij één waren, omdat zij allen in Christus waren en het werk deden waarvoor Hij hen had uitgezonden. Dit is de echte betekenis van de 'diaspora': een missie te zijn, een groep van getuigen. Om dit te doen hebben wij vrijwel geen structuren nodig, alleen een hechte verbondenheid tussen ons en een oprechte, serieuze toewijding aan de dienst van God. Verschillen in taal, cultuur of etnische achtergrond zijn in deze context geen belemmeringen; zij verrijken alleen maar de boodschap, maken haar meer menselijk, meer toegankelijk in haar rijke verscheidenheid voor allen die haar ontvangen.

Het vasthouden aan structuren verdeelt ons. De veelvoud aan nationale jurisdicties zou ons niet scheiden als geen enkele jurisdictie superioriteit en macht over de anderen zou opeisen, in plaats van het privilege trouwer te dienen dan anderen; als samenwerking in alles de regel was. We hebben nog steeds bisschoppen en geestelijken nodig die de nationale taal spreken om hun te dienen die nog geen gemeenschappelijke taal met andere Orthodoxen in hetzelfde gebied hebben verworven. We moeten onze talen koesteren, omdat gebeden, spirituele geschriften en theologische uitspraken vaak niet bevredigend vertaald kunnen worden en levende vertolkers nodig hebben. We moeten diep geworteld zijn in onze eigen cultuur om de cultuur van anderen te waarderen, te bestuderen en te delen. We hebben echter geen recht om superioriteit op te eisen voor ons erfgoed, maar een diepe kennis daarvan stelt ons in staat om zijn rijkdommen te delen met hen die ermee verrijkt kunnen worden.

Structuren zijn natuurlijk nodig om hen, die hetzelfde erfgoed delen, bijeen te houden, om hen te inspireren te handelen vanuit een gemeenschappelijke en gedeelde ervaring, en voor het beleven van de Sacramenten, maar zij zijn geen doel op zich. En zij moeten al helemaal niet beschouwd of gebruikt worden als machtsinstrumenten. Er zijn een aantal onderdrukkende structuren in onze Kerk. Wij vergeten te gemakkelijk dat hij die de hoogste positie bekleedt niet de baas, maar de dienaar van allen, is. In geen geval zou de Kerk de omringende wereld tegemoet moeten treden vanuit een positie van macht, noch met een houding van onderdanigheid. In alle menselijke relaties moet de Kerk het geweten van de wereld en van elke gemeenschap zijn, de waarheid sprekend in barmhartigheid, maar duidelijk, zonder dubbelzinnigheid, niet berekenend, met de moed kritiek te leveren of zaken goed te keuren zonder het gevaar te overwegen dat dit met zich mee kan brengen. Samen met alle mensen moeten wij samenwerken bij het bouwen van de stad van de mens, maar aan het bouwen moeten we een dimensie toevoegen die alleen wij kunnen toevoegen: een dimensie van diepte, van breedte, van heiligheid die de enige werkelijke mens - onze Heer Jezus Christus, werkelijk mens en werkelijk God - in staat stelt de Eerste Burger te zijn; een stad van de mens met hetzelfde gebied als de Stad van God. Elke christen moet concrete keuzes maken die kunnen verschillen van die van anderen, maar allen moeten hetzelfde doel hebben: niet het scheppen van een leefbare samenleving, maar een stad zo waarlijk menselijk dat zij waarlijk goddelijk kan worden.

De Stad van God bouwen betekent onszelf aan God geven, afstand doen van onze kracht en onze zwakheid en Gods genade de mogelijkheid te geven om vrij in en door ons te werken; dit is missie-werk, geen proselitisme. Niet een poging om anderen als onszelf te maken, maar met hen de transformerende vreugde te delen God te kennen en met Hem in communie te zijn, zodat zij zichzelf kunnen worden, even verschillend van òns als zij uniek zijn in de ogen van God. Het is niet in eenvormigheid dat wij één kunnen zijn, maar in eenheid die alleen maar mogelijk is door uniekheid, zoals muzieknoten in staat zijn om een perfect akkoord te vormen, omdat zij zichzelf zijn, zonder verwarring, maar ook zonder competitie.

Ik noemde het bestaan van onderdrukkende structuren die verschillen benadrukken en foute hiërarchieën van waarde scheppen. Eén daarvan is duidelijk beledigend en moet afgebroken worden: dit is de positie van de vrouw in de Kerk. De orthodoxe Kerk heeft meer dan één onverdedigbare uitspraak over dit onderwerp gedaan, maar zij is nog niet eens begonnen erover na te denken. Het probleem wordt als ons vreemd beschouwd, komend van de kerken die 'het spoor bijster zijn geraakt'. Dit is niet waar: het raakt het hart van het leven van onze Kerk. Er moet over nagedacht worden en het moet met nieuwe ogen bekeken worden. Het is niet voldoende om verwezen te worden naar traditie. Een traditie waarvan de betekenis of de oorsprong niet achterhaald kan worden is niet een traditie, maar traditionalisme: een bijgelovig overblijfsel van vooroordelen en onbegrip. Het is aan jullie generatie om deze kwaden het hoofd te bieden vanuit het Evangelie en het geloof dat ons door God in Christus is gegeven.

Andere problemen moeten onder ogen gezien en opgelost worden: onze verhouding met de Oriëntaals-orthodoxe Kerken, waarmee wij hetzelfde geloof delen, terwijl we het op verschillende manieren uitdrukken. Wie zal triomferen? Zij die oog hebben voor de geest van deze kerke of zij die vasthouden aan de letter?

Andere zaken die onze Kerk eigen zijn, moeten worden bestudeerd: Wie moeten we toelaten tot de Doop? Tot aanneming in de Orthodoxe Kerk? Wie mogen trouwen in de Kerk? Hoe moeten wij bekeerlingen ontvangen? Zijn we bereid ons geloof te leven of alleen maar erover te spreken? Dit roept allerlei problemen van christelijke ethiek op; men kan een ketter in de praktijk zijn, terwijl men woorden gebruikt die conform de Traditie lijken te zijn. Het vasten en het ascetische leven, de voorwaarden en de frequentie van Communie; de manieren waarop godsdienst-onderwijs heroverwogen moet worden om in plaats van informatie-overdacht het ontsteken van een vuur te worden; deze en veel plaatselijke problemen zijn en zullen jullie verantwoordelijkheid zijn. Afhankelijk van de manier waarop jullie ze oplossen zal de Orthodoxie òf een van de vele irrelevante geloven of kerkgenootschappen van de wereld worden òf haar licht en inspiratie.

Het is aan jullie om te kiezen, en om moedig en deemoedig te handelen.

Moge Gods zegen en kracht in en met jullie zijn.


Metropoliet Anthony van Sourozh samen met de geestelijken en leken van het diocees.

Londen, juni 1990.


Deze brief werd gepubliceerd in Syndesmos News IX-1

Vertaling: Michaël Bakker

Sluiten